Dealing with a complex past

After the publication of the biography of the life of Gisèle (1912-2013), the mental and sexual abuse in the circle around Castrum Peregrini’s co-founder Wolfgang Frommel (1902-1986) and Gisèle’s apparent looking away has been broadly covered in the press. It is shocking for us and the people whom we worked with in the last ten years to be confronted with this painful part of the history of Herengracht 401. Nevertheless, we believe that it is good that these stories are now in the open, and hope it helps victims to come to terms with their painful memories.

For us it means a new starting point in dealing with a complex past that is made up of both lives that were saved and lives that were damaged. As so often, history is neither white nor black. Good and bad coexist and form part of the human condition. The historic persons of Castrum Peregrini need to be seen in that light as well. Seven years ago, we asked Annet Mooij to write a biography about the life of Gisèle, because we were – and we still are – convinced that she deserves it. This superbly written book shows the fascinating context of her life, the many layers of her personality that she could maintain and the countless fascinating episodes of a life full of love and struggle. Sadly the focus on Wolfgang Frommel and his disciples – who have abused Gisèle’s care shamelessly – overshadows the richness of her personality, which Mooij describes. We recommend reading the book to comprehend the complexity of a fascinating life that was both a fairy-tale and a harsh reality.

The biography is now a major reference for us to tell the story of Herengracht 401. Both aspects of that past, the good ones next to the awful ones need to be remembered. Raising awareness about the human condition in all its complexity will stay the motivation for all our activities. We will dedicate the near future to find the right and suitable way to commemorate abuse alongside saving lives. We will do this together with individuals and institutions. Victims were and are invited to speak with us.  

Please also see:

Verschijnen biografie Gisèle

Annet Mooij

De Eeuw van Gisèle
Mythe en werkelijkheid van een kunstenares

De Bezige Bij. September 2018.

Zeven jaar geleden benaderden wij  Annet Mooij met het verzoek het leven van Gisèle te beschrijven. Het niets verhullende resultaat van haar intensieve onderzoek levert een prachtig en meeslepend boek op, dat je vanaf de eerste bladzijde meeneemt in de ontwikkeling van een wat flirterig katholiek-aristocratisch meisje dat nog niet weet wat ze wil, tot een verbazingwekkend veelzijdige persoonlijkheid en kunstenares, die als het er tijdens de Tweede Wereldoorlog echt om spant ,een vriendengroep rondom de Duitse dichter Wolfgang Frommel omarmt en moedig onderdak verleent.

Annet Mooij legt de lang verzwegen moeilijkheden bloot die Gisèle ondervond in diezelfde vriendengroep, de absolute dominantie van Wolfgang Frommel, de pijn om als vrouw stelselmatig buitengesloten te worden uit deze inner circle en de ondankbare en denigrerende houding van diegenen wiens leven zij redde. Annet Mooij beschrijft tevens de pedagogiek van Frommel die erop gericht was om jongeren in zijn ban te krijgen en de grensoverschrijdende seksuele moraal die daaraan ten grondslag lag.

De Eeuw van Gisèle. Mythe en werkelijkheid van een kunstenares biedt een rake en rijke inkijk in de onalledaagse ontwikkeling en levensloop van een sterke, eigenzinnige en kosmopolitische  vrouw die tot het eind trouw blijft aan haar keuzes en die de kunst verstaat om de onvermijdelijke consequenties van deze keuzes steeds weer tot innerlijke harmonie te brengen.

Ter gelegenheid van het verschijnen van het boek heeft Annet Mooij een tentoonstelling samengesteld. Aan de hand van Gisèle’s kunst en historische documenten toont zij de levensloop en de artistieke en persoonlijke ontwikkeling van Gisèle.

 

Reaction on publications on Wolfgang Frommel

We follow the subsequent publications on one of Castrum Peregrini’s founders Wolfgang Frommel with thorough interest. When we broke with his tradition (the Castrum Peregrini journal, a hermetic circle of friends based on the heritage of Stefan George), we were met with great resistance from the heirs of Wolfgang Frommel. Now, 10 years later, members of that very same circle begin to speak about traumatic experiences they made sexually and in terms of inter-dependence. Not all of them speak out so clearly against Frommel, there are also voices that defend Wolfgang Frommel or seek the nuances in memory. We as the current generation of Castrum Peregrini, that have turned away from the heritage of Frommel – not because we knew of any abuse, but because we felt his story was anachronistic and that the story of Gisèle served as inspiration for us and deserved attention while she was still alive – are glad that the post-war generation of Frommel disciples start to get to terms with their past. We fully support this process, invite them to talk – in private and in public – and do whatever we can to be helpful for the independent academic research into the history of Wolfgang Frommels circle that has been initiated by Nicole Colin (UvA) and that is supervised by a commission chaired by Rosemarie Buikema. We encourage the heirs of Wolfgang Frommel that are organised in and around the Wolf van Cassel Stichting and the Stichting Memoriaal to do the same.

Statement of the Board of Recommendation

We are troubled by stories about the misuse of people related to Castrum Peregrini decades ago. We therefore support the decision of the present Board of the organization to accept the offer of Nicole Colin, Professor of the University of Amsterdam (Duitsland Instituut, DIA) and the University of Aix-Marseille to initiate an independent and transparent research into the history of Castrum Peregrini, including the stories of misuse. This research will be supervised by an independent Academic Committee under the chairmanship of Rosemarie Buikema, professor in Art, Culture and Diversity at the University of Utrecht.

Amsterdam, April 2018

Avrum Burg (chair), Marjan Schwegman, Ronny Naftaniel, Maya Meijer Bergmans, Job Cohen

 

Enkele persoonlijke gedachtes over het verleden en het heden van Castrum Peregrini

Door Michael Defuster

Februari / Maart 2018

Door publicaties in VN ben ik pijnlijk geconfronteerd met een deel van het verleden van de organisatie, die toen ik de leiding overnam in 1998, bestond uit een Duitstalige Exil Verlag. De slachtoffers uit het VN artikel komen dertig tot veertig jaar na dato naar buiten met hun verhaal, waarin enkele op jonge leeftijd seksueel misbruikt zijn door figuren uit de kring rondom Wolfgang Frommel en daar hun hele leven mee kampten. De berichten hebben mij diep getroffen en ik zal in mijn huidige rol als bestuurder van de stichting Castrum Peregrini doen wat nodig en wenselijk is om ruimte te bieden aan deze verhalen en om de slachtoffers bij te staan. Samen met mijn medebestuurders, Frans Damman en Lars Ebert, voel ik mij moreel verplicht er zorg voor te dragen dat dit verleden grondig onderzocht wordt. De omstandigheden waaronder deze misstanden hebben kunnen plaatsvinden dienen boven water te komen in al hun facetten, zodat er lering en waarheidsvinding uit getrokken kan worden voor het heden en de toekomst.

Omdat mijn naam in het artikel in VN genoemd wordt en ik zelf nog niet aan het woord ben geweest voel ik de behoefte enkele reflecties te delen over mijn verschillende rollen, mijn betrokkenheid door de jaren heen bij Castrum Peregrini en de keuzes die ik gemaakt heb. Ondanks mijn betrokkenheid bij Castrum Peregrini hadden noch ik, noch mijn medebestuurders enige notie van seksueel misbruik dat met Castrum Peregrini in verband wordt gebracht in het artikel van VN. Hopelijk levert dit schrijven een bijdrage aan de beeldvorming.

Mijn belevenis van Castrum Peregrini als vriend

Ik ben zelf in een enigszins rommelig maar liefdevol gezin van zes grootgebracht in België. Liefde betekent voor mij heel veel, zo niet alles. Mijn vriendschappelijke en liefdesrelaties heb ik waarschijnlijk daardoor alle ruimte kunnen geven om zich te ontwikkelen naar welke kant de andere ook maar behoefte had. Door deze laisser-faire houding kan ik bogen op een kleine maar fijne kring van vrienden en twee zeer volwassen en hechte liefdesrelaties.

Ikzelf deed bij Castrum Peregrini mijn entree tijdens de Oudejaarsavondontvangst in 1983 / 1984 bij Gisèle. Vanaf dat moment ontstond een bijzondere dertig jaar durende wederzijdse band tussen haar en mij die tot het einde van haar leven (2013) bleef bestaan.  In de laatste tien jaar van het leven van Gisèle vormde ik samen met Frans Damman en Lars Ebert een kleine familie, waarin wij haar verzorgd hebben. Voor mij was Gisèle de echte geest van het huis aan de Herengracht. Zo hebben ik, Frans en Lars dat ondervonden. Door het vertrouwde en existentiële samenzijn zijn wij diep door haar geïnspireerd geraakt.

Mijn relatie tot Castrum Peregrini verliep via mijn toenmalige Duitse vriend Wolf van Cassel (1946 – 1994), die als twintiger bij Castrum Peregrini terecht was gekomen en die ik in 1983 leerde kennen. Tot aan zijn dood onderhielden wij een liefdevolle relatie. In de tijd die we samenwoonden in een pand aan de Oudezijds Voorbrugwal was de Herengracht ver weg en speelde in mijn leven een minder belangrijke rol. Wolf, onze (kunstenaars-)vrienden en ik hadden daar onze eigen wereld waarin wederzijds respect en creativiteit een grote rol speelden. Ikzelf werkte overdag bij architectenbureaus en studeerde ’s avonds aan de Academie voor Bouwkunst van 1982 tot 1992. Deze jaren met Wolf zijn tot op de dag van vandaag een zeer waardevolle  herinnering voor mij.

Toen ik in 1984 voor het eerst met de Herengracht kennis maakte heerste er chaos: de invloed van de zieke Wolfgang Frommel was tanende en er was grote onenigheid en strijd binnen zijn vriendenkring over zijn geestelijke erfenis. Tussen de jonge mannen en vrouwen van de generatie die de dienst uitmaakten in de uitgeverij Castrum Peregrini, zoals Thomas Karlauf, Christiane Kuby, Wolf en anderen, heersten er ook talloze conflicten, die echter aan mij voorbijgingen, omdat ik in dat rustige huis aan de Oudezijds Voorburgwal woonde en leefde. De Herengracht had in die jaren een alles behalve fijne sfeer om in te vertoeven voor de jonge man van 26 die ik was, op zoek naar de zin van het leven. Gezien de krappe tijd die ik door de combinatie van studie en werk overhield was mijn keuze  tussen beide locaties snel gemaakt. Pas na de dood van Wolf in 1994 ben ik mij professioneel met Castrum Peregrini gaan bezighouden. Ik had toen – en heb nog steeds – de sterke behoefte het vele moois en wezenlijks dat in deze stichting aanwezig is kenbaar te maken en dienstbaar te stellen aan Amsterdam en aan de maatschappij.

Er bestaat een wezenlijk verschil tussen de ervaringen van de slachtoffers en vele andere oudgedienden die genoemd worden in het artikel van VN en mij. Ik heb namelijk voor Wolfgang Frommel nooit bewondering gevoeld; Ik heb nooit een gesprek met hem gehad, nooit lief of leed gedeeld. Voor mij was hij een dementerende man die op bed lag en dag en nacht verzorging nodig had. Voor de adoratie die om zijn persoon heerste heb ik nooit iets gevoeld. Dat past niet bij mijn natuur. Het door Frommel geadopteerde “Dichterstaat” concept van Stefan George vond ik ronduit idioot. De heftige ruzies na de dood van Wolfgang Frommel tussen de zichzelf vrienden noemende mannen en vrouwen, die daarbij elke positieve connotatie van vriendschap om zeep hielpen, heb ik altijd verworpen. 

Omdat ik in die periode kennelijk in staat was mijn eigen autonomie te bewaren, heb ik geen traumatische ervaringen overgehouden aan mijn contact destijds met Castrum Peregrini. Daarin speelde Gisèle een doorslaggevende rol. Wij spraken regelmatig af en zij was voor mij een baken van integriteit en on-compromitteerbaarheid. Ik genoot van de lichtheid die haar omgaf. Ze concentreerde zich op de uitdagingen van het leven en het positieve. Dat maakt haar verhaal en het huis aan de Herengracht zo bijzonder. Zij is voor mij een inspiratiebron en drijfveer geweest om in onze huidige culturele uitingen haar dan ook de plaats te geven die haar toekomt. De mannen die zij decennia lang onderdak heeft geboden, ook diegenen die zij ten tijde van de oorlog het leven redde, hebben haar dat, en dat is schokkend te constateren, niet gegund. De ondankbaarheid van de voormalige onderduikers en hun vrienden ten opzichte van Gisèle is schrijnend teleurstellend. Annet Mooij schrijft hierover uitgebreid in haar nog te verschijnen biografie, waarvoor wij het initiatief hebben genomen, en waarin ook de werkwijze van Frommel cum suis uitgebreid aan de orde zal komen.

Vanaf mijn aantreden als directeur in 1998 heb ik mij ingespannen om de organisatie voor te bereiden op de tijd na het toen nakende verscheiden van de oorlogsgeneratie. Gisèle bijvoorbeeld was toen al 86 jaar oud. Dit was geen gemakkelijke opgave, te midden van de redders en de geredden, met hun vele oorlogstrauma’s en ingesleten reactiepatronen. Pas na het overlijden in januari 2008 van Claus Bock, een van de onderduikers, was het ethisch mogelijk om definitief de structuren en mentaliteit van de organisatie te veranderen. Voordien dreef de organisatie op wat overgebleven was van de persoonlijkheid van Wolfgang Frommel, die een vriendenkring om hem heen had gebouwd die hem tot op de dag van vandaag verheerlijkt, zoals dat bij de Stichting Memoriaal en de Wolf van Cassel Stichting nog altijd het geval is. Deze persoonlijkheidscultus, gedragen door de gedichten en het gedachtengoed van de Duitse dichter Stefan George, vereist haast volledige loyaliteit, zelfs als dit de persoonlijke integriteit zou beschadigen. Dat was voor mij het moeilijkste aspect van de organisatie om te veranderen, maar waarvoor ik in de persoon van Gisèle een sterke natuurlijke medestander had. Ondanks alle eerdere pogingen tot marginalisatie had Gisèle een onaantastbare positie binnen Castrum Peregrini, niet in de laatste plaats vanwege de financiën. Ik wilde radicaal breken met dit verstikkende loyaliteitsmoeras en heb dat voor de goede verstaander heel duidelijk gedaan door Gisèle daar te plaatsen waar ze hoorde, namelijk in het middelpunt van Castrum Peregrini, in plaats van Wolfgang Frommel. Onze kernwaarden Vrijheid, Vriendschap en Cultuur zijn volledig op haar geënt. Was Gisèle er niet geweest dan schreef ik op dit moment niet deze tekst, want dan had Castrum Peregrini voor mij elke betekenis verloren en had ik het al lang vaarwel gezegd.

Mijn belevenis van Castrum Peregrini als medewerker en directeur-bestuurder

Toen midden jaren negentig Wolfgang Frommel’s vriendenkring definitief uit elkaar was gespat en de gemoederen tot bedaren kwamen, en Wolf na een lang ziekbed overleed, begon ik voor het eerst mij professioneel met de zaken van Castrum Peregrini bezig te houden. Toen betrof dat de uitgeverij. Manuel Goldschmidt en Claus Bock, die de leiding hadden over de uitgeverij waren beiden al over de zeventig toen hun gedroomde opvolger na enkele jaren vertrok in onmin. Eerder uit de behoefte hun eigen werkzaamheden stop te kunnen zetten dan uit overtuiging  benoemden ze mij als hun opvolger. Mijn relaties met hen waren eerder functioneel dan vriendschappelijk, op het einde zelfs afstandelijk en conflictueus. De conflicten die ontstonden hadden verschillende redenen. Voor hun wens om de loyaliteitsstructuren en de bijhorende wetmatigheden in stand te houden was ik niet ontvankelijk. Ik verzette ik mij vrij snel tegen hun obscurantistisch, claustrofobische wereldbeeld, die ik altijd als een gevolg van hun oorlogservaringen heb geduid. Manuel en Claus zagen mij als een bedreiging doordat ik het werk en de persoon van de dichter Stefan George als een anachronisme ervoer en zij hem juist als de dragende spil van de uitgeverij en stichting wilden behouden. George’s concept van de ‘Dichterstaat’, de bijna lachwekkend theatrale sublimatie van zijn homoseksualiteit en bovenal zijn visie dat kunst boven de mens staat, klopten niet met mijn overtuiging, met hoe ik vond dat de maatschappij zich na de Tweede Wereldoorlog had ontwikkeld en met het mensbeeld dat mij voor ogen stond. Deze overtuigingen had ik, hoe paradoxaal, juist te danken aan Castrum Peregrini, waarin voor mij  de waarden van Gisèle de maatstaf der dingen waren. En deze zijn juist niet op macht of dwang gebaseerd, maar op het bieden van inspiratie en het scheppen van een omgeving waarin creatieve en intellectuele mensen uitgenodigd worden zich te ontwikkelen en bij te dragen aan een betere, menswaardige wereld. Vandaar onze geuzennaam ‘Intellectual Playground’. In die zin zetten we háár werk verder, en absoluut niet dat van Wolfgang Frommel.

Ik ben een rechtszaak gaan voeren tegen de stichting Wolf van Cassel (Weesp), die de erfenissen van Wolfgang Frommel en Goldschmidt  beheert, om met name het archief van de stichting terug te krijgen, dat door Goldschmidt op dubieuze wijze uit de Herengracht was meegenomen en aan het Letterkundig Museum was overgedragen. Dit archief bevindt zich daar achter slot en grendel. Het bestuur van de Wolf van Cassel Stichting bepaalt wie er wat van mag inzien. Het ging mij erom openheid van dit archief voor nu en de toekomst te verwezenlijken. Immers, transparante, onafhankelijke geschiedschrijving vereist vrije toegang tot historische bronnen – en daarvoor heb ik gestreden. Deze geld verslindende juridische inspanningen, hebben tot mijn grote teleurstelling niet het gewenste resultaat opgeleverd. De trieste uitkomst is dat de erfgenamen hun geschiedenis beïnvloedende greep op de bewijslasten hebben weten te behouden. Daarnaast, minder relevant voor een correcte geschiedschrijving maar wel met grote symboolwerking, waren de verkoop van de Stefan George Bibliotheek, de uitbesteding van de uitgeverij aan Wallstein Verlag, – die nu kritisch wetenschappelijke publicaties over Stefan George en de Frommel kring publiceren -, en het afstoten van het logo ‘de roos’ dat stond voor de uitgeverij en de vriendenkring van het oude Castrum Peregrini. Dit embleem is nu overigens door de Wolf van Cassel stichting overgenomen.

Vervolgens kon ik, met anderen die zich ook aangesproken voelden, een nieuw mission statement formuleren, gebaseerd op de waarden en principes die ertoe hebben geleid dat Gisèle tijdens de nazi-bezetting met gevaar voor eigen leven jongeren jarenlang voor een gewisse dood of gruwelijk lot heeft behoed. We hebben ons bewust geconcentreerd op het oorlogsverleden, en de betekenis van Gisèle, die na de oorlog – zoals dat voor de rol van vrouwen tijdens de oorlog in algemeenheid het geval is – eenvoudigweg door mannen uit de geschiedenisboeken werd weggeschreven.  Uit ons recente programma ‘The Female Perspective’ blijkt hoe belangrijk wij het vinden dit aspect te belichten. Het moge iedereen duidelijk zijn: wij zetten Gisèle’s werk verder, niet dat van Wolfgang Frommel en consorten. Geen enkel rationeel denkend mens zal ons dat kwalijk nemen. Ten overvloede: dat neemt niet weg dat wij opheldering  over het verleden met daarin Wolfgang Frommels rol ten volle ondersteunen.

De rest moge duidelijk zijn. We maken aansprekende programma’s met diepgang waarin we het heden met de kernwaarden van het verleden verbinden en waarmee we willen voorkomen dat we een verstild, gemusealiseerd beeld van het verleden creëren. We hebben verschillende Europese projecten lopen en onderhouden samenwerkingsverbanden met  gerenommeerde instituties en universiteiten in binnen en buitenland. Bijna alle aspecten van de geschiedenis van Castrum Peregrini zijn voor meervoudige interpretatie vatbaar. Dat maakt het juist voor buitenstaanders, zoals kunstenaars en wetenschappers zo aansprekend. De hoofdpersonen waren destijds allemaal complexe persoonlijkheden met talloze lagen die tot de verbeelding spreken. Er komt heel veel samen in het huis aan de Herengracht; zowel waardevolle als verwerpelijke dingen.

De oude vriendenkring van Frommel heeft van meet af aan het huidige team van Castrum Peregrini als buitenstaander bestempeld. Wij kwamen alleen al in deze positie doordat wij hem nooit hebben gekend (vereerd) en omdat de generaties vóór ons teveel met hun eigen problemen en/of machtsaanspraken bezig waren. Geen van hen heeft ons ooit een helpende hand toegestoken om Castrum Peregrini een nieuw leven te geven. Integendeel, ondermijning ervan was ons deel. Tot op de dag van vandaag worden wij door die oude vrienden als ‘verraders’ gezien. Maar wij weten niet wat wij zouden hebben kunnen verraden aan een systeem dat in onze ogen compleet failliet was en waar wij ons niet mee wensten te associëren. Dit sluit juist niet uit dat wij met overtuiging openstaan voor oprechte pogingen van mensen die een minder goede ervaring hadden en in het voeren van een dialoog om in het reine te komen met het moeilijke deel van deze geschiedenis.

Hoe verder?

Voor haar voortreffelijke in 2015 verschenen boek over Andreas Burnier, raadpleegde Elizabeth Lockhorn ook onze archieven. Er is een kleine tekst van mij in haar boek opgenomen waarin ik de positie van het huidige Castrum Peregrini schets als buitenstaander van een verleden waarvan wij, het huidige directiebestuur, persoonlijk geen deel uitmaakten maar waarvoor wij wel een werkwijze hebben ontwikkeld om met het verleden om te gaan, door dit op te nemen in onze programmering en te koppelen aan hedendaagse thema’s. Het is ons niet raadzaam gebleken om ‘partij’ te kiezen in de strijd tussen diegenen die dit verleden als zeer positief hebben ervaren – zij vormen de meerderheid – en zij die hun ervaringen als traumatisch ervaren. Voor ons was en is dat een strijd die de betreffende generaties onderling zelf moesten uitvechten. Wij hebben een eigen stichting opgericht met eigen waarden en levensbeschouwingen. Wij, de huidige stichting Castrum Peregrini, leven met de slachtoffers mee, willen hen erkennen en betrachten volledige transparantie. Daarom steunen wij bijvoorbeeld onderzoek naar dat verleden. Daarvoor dient de hele geschiedenis van Castrum Peregrini als onderwerp genomen te worden. Wij zijn in onze pogingen om het verleden open te benaderen blij met iedere medestander. Wij zijn klein en beperkt in onze middelen en kunnen ieder steun gebruiken.

Al meerdere jaren, vanaf het verschijnen van Elisabeth Lockhorn’s boek en de te boek gestelde herinneringen aan Wolfgang Frommel van Joke Haverkorn (2013), zijn wij in onze programmering begonnen met actief ruimte te bieden aan het verwerken van het negatieve verleden van Castrum Peregrini: een colloquium (2013) waarin Joke Haverkorn’s boek centraal stond, een film over Herengracht 401 (2016), de kritische biografie van Gisèle door Annet Mooij (2018) e.a. Deze activiteiten zijn onlangs uitgebreid met een wetenschappelijke commissie die het verleden van Castrum Peregrini in de komende jaren zal onderzoeken.  Elke vorm van bijdrage – in de vorm van publicaties, evenementen, werkgroepen etc.. – zullen door ons worden geapprecieerd.

Het dubbelzinnige politiek verleden van Wolfgang Frommel is uit andere publicaties reeds langer bekend. Dit is door ons ook nooit ontkend. Het seksueel misbruik verhaal echter kwam als een schok. Hiervan wisten we niets, hadden we nog nooit over gehoord. De getroffenen hadden ook nooit met ons contact opgenomen. De eerste publicatie over pedofilie van Frank Ligtvoet op Huffington Post in februari 2017 was inhoudelijk en taalkundig moeilijk te begrijpen. Het artikel is na enkele weken van het internet gehaald. Toen volgde het online artikel bij VN in juli 2017 waarin het moeilijk was suggesties van feiten te scheiden. Sindsdien hebben wij wel vele gesprekken gevoerd met de getuigen die ons bekend zijn om opheldering te krijgen. Wij hebben moeten wachten tot de publicatie van Vrij Nederland op donderdag 22 februari jl. om de ware toedracht van alle gevallen te kennen, want ook op onze actieve navraag bij VN werd dat ons eerder onthouden.

Ik kan oprecht meevoelen met het lijden onder schuldgevoelens en met de fysieke en psychische pijn dat uitvoerig word beschreven in de artikelen. Dat is vreselijk. Ik geef toe dat ik het er moeilijk mee heb wanneer volwassenen hun eigen autonomie uit handen geven. Verwarrend en onduidelijk voor mij zijn de gevallen van Lodewijk (pseudoniem) en Paul Visser. Bij navraag over de laatste is overigens niemand binnen de oude Castrum Peregrini kring op de hoogte van zijn betrokkenheid bij de toenmalige vriendenkring. Niettemin zijn deze gevallen onverminderd schrijnend en verdienen ook alle medeleven en steun. Het is beschamend dat de plegers verbonden waren met de vriendenkring van Wolfgang Frommel. Het gaat echter te ver om te suggereren dat de kostschool Beverweerd, waar misbruik plaatsvond, in alle gevallen linea recta terug te voeren is op Castrum Peregrini. Mijns inziens moet hier zorgvuldigheid worden betracht. Wij hebben intussen contact opgenomen met het Genootschap der Vrienden (de Quackers in Nederland), die in het verleden van de school een vaste voet hadden in haar bestuur. Wij hadden met Lodewijk en Christiane Kuby afzonderlijk in februari 2018 een afspraak tot gesprek staan. Deze is echter op het laatste moment afgezegd. Wij kunnen ons voorstellen dat zij tijd nodig hebben en plannen het gesprek graag in zodra het voor hen zinvol is.

Wij gaan mogelijk samen met het Genootschap der Vrienden (Quackers), dat bij de kostschool betrokken was, beraden hoe en welke stappen wij zullen nemen om met slachtoffers in gesprek te komen. Het lijkt ons ook raadzaam dat slachtoffers zich voor begeleiding gaan richten aan de in Nederland opererende professionele instanties die echt onafhankelijk en professioneel zijn. Door professionals te betrekken kan misschien zelfs echt healing plaats vinden.

Tot slot, de contacten  met Frank Ligtvoet van de laatste maanden werden op afstand via email gevoerd. Wij willen hem graag spreken en hebben dat ook herhaaldelijk aangegeven. Wij respecteren evenwel zijn keuze om dat af te houden en hebben tegelijkertijd zijn vragen per e-mail, die overigens voornamelijk data gerelateerd waren, beantwoord voor zover ons dat mogelijk was. Niettemin lijkt ons een gesprek met hem momenteel het allerbelangrijkste en hopen dat hij aan onze vraag gehoor zal geven.

A message to our friends

You may have read the Vrij Nederland article of 22 February. Please read our  reaction on that article here and more broadly on our ABOUT page. We are shocked by the stories from VN. Our empathy and support go out to all those affected, the victims and their loved ones.

We want to share some personal thoughts, all of them connected to the question: how further?

This is for us a really existential moment in time. When we started with a ‘new’ Castrum Peregrini, more than 10 years ago, the ‘ancien regime’ had left us a dusty ruin. Wolfgang Frommel died in 1986 and his obscure circle had since disintegrated in rear-guard fighting. Gisèle was the one that stood as a rock of integrity in the swamps of loyalty. Meeting her and living with her sparked our enthusiasm to build something new and broadly relevant on her values, those values that had made her take in Frommel and his Jewish pupils during Nazi occupation, to dedicate her life to the arts, to use her means for the support of her friends and others in need. We realised that Frommel and his circle had always profited from Gisèle and yet have always side-lined her, to say the least. There was justice to be done. We not only felt we had to care for her as a person but also put our focus on her life and work in our activities. When the remaining circle of Wolfgang Frommels friends – with the former director of Castrum Peregrini in the initiative –  hijacked (literally!) the archive and put a lock on it we conducted a law suit for years to get it back and open it up for scholars. Openly writing history is only possible with open archives. Also, we abandoned the old logo of Castrum that symbolised the circle of Wolfgang Frommel and his publishing house. We outsourced the latter to a German publisher that would secure free and critical history writing. It was of more symbolic value to give away the George library. We have organised symposia about the problematic sides of Castrum Peregrini, have supported the critical documentary Herengracht 401 by Janina Pigaht (very worthwhile seeing!) and after Gisele’s death we initiated a critical and independently written biography of Gisèle which will be published at the Bezige Bij in September 2018. In it, Annet Mooij will also pay critical attention to the phenomenon of Frommel. We have nevertheless not been aware of any sexual abuse of minors! 

Frommel feels like a dark vortex – his presence is still a spectre, absent but palpable. Frommel was someone who wielded power through his cult of personality, ironically from the security of a small apartment. These are things to be discussed – difficult as they may be. Nowadays, we want history to be clean, like our super hero movies, where good and bad are clearly demarcated.  But of course there is always complexity. The question is how to speak about norms slowly adjusting and aberrant behaviour made possible through the subtle changing of a “social or collective temperature”. These are themes we must speak about connecting the past to present. We do this in our programming, but now there is an explicit link to the house. Understanding the house’s shadows, making them transparent, might bring light to the present and even become a beacon to the future. 

Last year, we have set up a research commission chaired by Rosemarie Buikema who wants to stimulate and supervise research about the history of Castrum Peregrini, and this might require different forms of scholarship and sensitivities – for example those versed in Holocaust studies, gender studies, sexual abuse, trauma, or those who grasp the dynamics of cults. Whatever is required, we will bring that scholarship on board. Castrum Peregrini wants to critically interrogate the past in order to learn from it, heal, do better and build a more compassionate future. This kind of approach is urgent in the present, not only for Castrum Peregrini, but for our society as a whole.

Somehow this moment, no matter how painful, is an opportunity to think about the past and present in more complex ways. Thinking about the term “foundation”, which Castrum Peregrini is, we believe we should take this head on, not to contain the past but instead struggle with it towards the future. Many museums grapple with collections acquired through colonialization, or decimation of indigenous people, Nazi acquisitions, slave trade and they have to find ways of talking about those legacies. Castrum Peregrini will seek advice from spaces that have experience in dealing with abuse. We will be making regular updates on our website that reflect Castrum Peregrinis’ searching for itself, and the reconciliation with the past both good (and there is plenty that is good) and bad and moreover, how we’re moving forward.

As a first step we focus our attention and our empathy on the victims that have been speaking up to find appropriate support in their coming to terms with trauma. It is of utmost importance that these stories come out.

We hope you can appreciate our thoughts that reflect a state of introspection and self-investigation rather than a clear answer. Please do not hesitate to get in touch with us if you have questions or want to speak,- or if you have advise or ideas!

Frans, Lars, Michael

Statement Raad van Toezicht

De Raad van Toezicht van de stichting Castrum Peregrini (RvT) heeft met afschuw kennis genomen van berichten in Vrij Nederland over misbruik dat in het verleden heeft plaatsgevonden in de kring rondom Wolfgang Frommel. De RvT houdt nauw contact met het bestuur van de stichting Castrum Peregrini en wordt door het bestuur voortdurend geïnformeerd over de contacten met alle betrokkenen. Dit geldt andersom evenzeer. De RvT benadrukt dat zij zich volledig schaart achter de opstelling en de acties van het bestuur, in deze voor iedereen, maar vooral voor de slachtoffers in de eerste plaats, pijnlijke en betreurenswaardige kwestie.

Namens de Raad van Toezicht, dhr. Jan Rozenbroek (voorzitter)

Reactie op de reconstructie ‘Misbruik in naam van het hogere’ Vrij Nederland – 22 februari 2018

In Vrij Nederland van 22 februari jl. verscheen een reconstructie gepubliceerd onder de titel  ‘Misbruik in naam van het hogere’, dat als een vervolg kan worden beschouwd op het eerder op de site van VN gezette stuk van Frank Ligtvoet over ‘misbruik in de kring rond Wolfgang Frommel’, die medeoprichter was van Castrum Peregrini.

Afgelopen november hebben wij zelf contact gezocht met de redactie en aangegeven beschikbaar te zijn voor ‘hoor / wederhoor’ indien ze zouden werken aan een vervolgstuk. In januari vond een ruim twee uur durend interview met Frans Damman namens Castrum Peregrini plaats en de uitermate korte weerslag daarvan staat in deze reconstructie. Enkele dagen voor verschijnen kregen wij te horen dat de publicatie er aankwam. Buiten een paar korte eigen citaten, was ons de tekst van dit stuk op voorhand niet bekend. Gelukkig heeft een aantal van onze uitspraken het wel tot de definitieve tekst gehaald:

Wij als huidig team Castrum Peregrini hebben al meer dan een decennium geleden afstand genomen van Wolfgang Frommel, zijn vriendenkring en van zijn bijbehorende gebruiken en gedachtengoed die in de jaren ’50 – ’80 een belangrijke stempel drukte op het toenmalige Castrum Peregrini. In dit decennium is het huidige Castrum Peregrini een compleet andere koers gaan varen dan tot die tijd gangbaar was.

Wij kozen voor wat wij belangrijk vonden bij de figuur Gisèle en namen haar oorspronkelijke uitgangspunt voor ons als leidraad, namelijk de motivatie om haar appartement ter beschikking te stellen voor vervolgden. Daarentegen vertegenwoordigde Frommel een gedachtegoed waarin wij ons niet herkenden, namelijk één waarin het interbellum domineerde en een dichtersstaat centraal stond. Zijn Duitstalige uitgeverij in exil had haar functie vervuld. Tegelijkertijd wilden wij ook zijn geschiedenis belichten en voerden daarom o.a. een rechtzaak met zijn erfgenamen om zijn archief zonder restricties toegankelijk te maken.

In dit meest recente stuk staan twee getuigenissen van voormalige scholieren van kostschool Beverweerd die zijn misbruikt door leraren, op school of op vakantie met hun leraren.  De situatie die Nanne Dekking  overkomt speelde zich af in het huis waar Frank Ligtvoet met zijn vrienden woonde aan de Prinsengracht, – zonder dat de redactie duidelijk erbij vermeldt dat dit NIET het huis van Castrum Peregrini betrof.

Ten slotte komt ook Christiane Kuby uitgebreid aan het woord, als enige een voormalige bewoonster van Castrum Peregrini aan de Herengracht die niet over seksueel misbruik spreekt, maar over machtsmisbruik en de sektarisch aandoende situatie in huis in de jaren ‘70 die het voor haar moeilijk maakte daarvan los te komen. Tegelijk citeert ze hier Andreas Burnier die over het CP in de jaren ’50/’60 schreef  ‘….en toch was het er fijn’.

Ofwel we het van groot belang vinden dat deze verhalen naar boven komen en dat er een podium voor de slachtoffers komt, hebben we kritiek op de werkwijze van de redacteuren van het artikel in VN.

Het misbruik dat met name de twee voormalige scholieren is overkomen tijdens hun jaren op kostschool Beverweerd is ronduit afschuwelijk en verwerpelijk. Echter, ten onrechte wordt de indruk gewekt dat de kostschool Beverweerd en Castrum Peregrini met elkaar verbonden waren. Niets is minder waar.

De twee organisaties hadden niets met elkaar van doen. De vraag rijst hoezo de redacteuren geen enkele poging hebben ondernomen om de situatie op die kostschool te onderzoeken, terwijl juist daar veel naar boven kan komen over het beschreven misbruik. Er wordt in het artikel vermeld dat een van de slachtoffers bij de directie van de school zijn beklag doet die daar vervolgens niets mee doet. Waarom zijn de redacteuren van VN hier niet verder op ingegaan? Onderaan staat in de voetnoot dat de ‘Engelse leraar’ niet opspoorbaar was. De naam is bij de redactie bekend, een eenvoudige search op Google levert zijn contactgegevens op.

Eén van de plegers van de school, de muziekpedagoog William Hilsley, was een jeugdvriend van Wolfgang Frommel. Alhoewel hun vriendschap tot Frommels dood in 1986 is blijven bestaan leefden ze allebei in zeer verschillende constellaties en organisaties. Suggereren dat daarmee de school en Castrum Peregrini identiek zijn is een guilty-by-association beschuldiging. Er worden geen bewijzen geleverd. Frommel had in de periode ’50 –’80 geen band met de school. Voor- en in het begin van de oorlog gaf hij er lezingen, kende er de scholieren en leraren, en haalde hij, tegen de wens van de toenmalige schooldirectie in, de Joodse Claus en Buri van school weg om ze bij Gisèle te laten onderduiken. Na de oorlog kwam hij er nog maar sporadisch, bij voorbeeld ter gelegenheid van een eindejaarsvoorstelling door Hilsley georganiseerd.

Dezelfde guilty-by-association benadering geldt voor de suggestie dat Michael Defuster van dit alles op de hoogte zou moeten zijn geweest. Dat is niet het geval. De misbruikverhalen waren voor ons net zo nieuw als ze voor de meeste lezers van VN zijn. Voor de in het artikel gemelde misbruikgevallen geldt dat ze bijna 40 jaar geleden hebben plaatsgevonden, elders dan op de Herengracht en pas nu naar buiten komen. Michael is zich pas in 1994 actief met de stichting gaan bezig houden, dat is flink later. De betrokkenen die in deze reconstructie getuigen, hebben zich in al die tussenliggende decennia nooit bij ons gemeld.

We zijn met bijna iedereen die in dit artikel genoemd wordt in contact. Frank Ligtvoet en Nanne Dekking zijn sinds juli vorig jaar uitgenodigd met ons een afspraak te maken, of met de Wetenschappelijke Research Commissie die we hebben aangesteld of met het meldpunt, de contactpersonen van De Vertrouwenspersoon.

Michael Defuster, Lars Ebert en Frans Damman – directie Castrum Peregrini

 

 

Veelgestelde vragen

 

Wij zijn na lezing van het artikel overweldigd door de hoeveelheid informatie. Uit eerste reacties die ons bereiken blijkt dat voor sommigen de reconstructie makkelijker te lezen valt door toelichting te geven op enkele vragen die opkomen:

 

Hebben jullie een Meldpunt voor slachtoffers?

Wij hebben twee vertrouwenspersonen op onze website vermeld met directe contactgegevens voor mogelijke slachtoffers die niet zelf naar de media kunnen of durven te stappen om bij hen hun verhaal te doen. De Vertrouwenspersoon is een gecertificeerde organisatie die de Arbosociale verplichting invult voor organisaties om haar medewerkers en netwerk een professionele melddesk te bieden voor grensoverschrijdend gedrag, desgewenst anoniem.  

 

Wat heeft Gisèle over misbruik geweten? Zou haar ‘wegkijken’ kunnen worden verweten?

Het is ons niet bekend dat zij zou hebben ‘weggekeken’. De verhouding tussen de vriendenkring rond Wolfgang Frommel (1902-1986) en Gisèle (1912-2013) was gecompliceerd. Ze leefden in gescheiden werelden in hetzelfde pand, de overlap tussen deze twee werelden complex. Biografe Annet Mooij zal in haar in september 2018 te verschijnen biografie over Gisèle nog uitgebreid aandacht besteden aan haar positie binnen Castrum Peregrini en aan dit eventuele wegkijken van haar.  

 

Wat is Castrum Peregrini?

Castrum Peregrini is een stichting (in tegenstelling tot genootschap) en kent geen leden. Het begrip ‘leden’ wordt in dit artikel gebruikt voor vrienden (en vrienden van vrienden) van Wolfgang Frommel, medeoprichter van Castrum Peregrini.

Het verleden van Castrum Peregrini kent vele aspecten. De vriendenkring van Wolfgang Frommel (1902-1986) was één aspect. Ver voor deze misbruik onthullingen hebben wij van deze kring en de door hen opgerichte gelijknamige uitgeverij ondubbelzinnig afstand gedaan, meer dan 10 jaar geleden.

Het leven en werk van Gisèle is een ander aspect van Castrum Peregrini, het onderduik adres Castrum Peregrini tijdens de oorlog weer een ander,- alle verschijningsvormen hebben ook nog eens vele zijlijnen. Welke hoedanigheid van Castrum Peregrini je bekijkt is een kwestie van perspectief.

Lees hier meer over onze geschiedenis.

Zie hier een tijdsbalk die de verschillende fases in de geschiedenis van Castrum Peregrini markeert.

 

Wanneer is het huidige directie team bij Castrum Peregrini betrokken geraakt? 

Huidig directeur van Castrum Peregrini Michael Defuster kwam voor het eerst 1984 bij Castrum Peregrini, toen Wolfgang Frommel dementerend was en op bed werd verpleegd. Op p. 62 (VN van 22 Februari) staat dat Frank Ligtvoet zich in 1982 ‘aan de groep heeft ontworsteld.’ Voorts wordt op pag. 71 gesteld dat Michael Defuster in ‘zijn [Frank Ligtvoet ’s] tijd volwaardig lid was van de kring’. Deze opmerking is onjuist.

Michael werkt vanaf 1994 bij de stichting en werd in 1998 directeur. Onder zijn leiding is een grondige reorganisatie in gang gezet; de stichting met als voornaamste activiteit de exil uitgeverij was van geen relevantie meer voor de samenleving, ademde slechts na-ijlende gebruiken van lang geleden. De tradities rond de vriendenkring van Frommel werden stopgezet, de uitgeverij uitbesteed, de Stefan George bibliotheek verkocht en jarenlang een rechtszaak gevoerd waarvan het doel was de openheid van het Frommel-archief te waarborgen om het mogelijk te maken voor onderzoekers om de gehele geschiedenis van Castrum Peregrini te kunnen schrijven. Lees hier een uitgebreide reflectie van Michael.

Lars Ebert loopt in 1999 stage bij Castrum Peregrini en is in 2002 vanuit Duitsland naar Amsterdam verhuist. Sindsdien leeft hij in Castrum Peregrini en is hij ook werkzaam voor de stichting.

Frans Damman loopt in 1995 stage bij Castrum Peregrini en is vanaf 2010 werkzaam voor het gereorganiseerde Castrum Peregrini. Toen de verpleging van Gisèle 24 uur aanwezigheid vereiste verhuist hij in 2011 naar Castrum Peregrini.

 

Bestaat de vriendenkring rond Wolfgang Frommel nog? Wie beheert zijn erfenis?

Stichting Memoriaal is vandaag het formele platform voor de ‘oude’ vrienden van Wolfgang Frommel, met wie het huidige Castrum Peregrini al meer dan 10 jaar alle banden heeft verbroken. Het oude symbool van de vriendenkring wordt tevens door het boekenfonds De Roos gebruikt, gefinancierd door de Wolf van Cassel Stichting, die ook de wettelijke erfgenaam van Wolfgang Frommel is.

 

Wat is de relatie tussen kostschool Beverweerd, eerst ‘Internationale Quaker School Eerde’ en Castrum Peregrini?

Hier zijn enkele misinterpretaties opgetreden in het artikel van VN. De schijn wordt gewekt dat Castrum Peregrini en kostschool Beverweerd één geheel zijn of een verbinding met elkaar hebben. Dit is onjuist. Er bestaat geen relatie tussen de internationale kostschool en de toenmalige uitgeverij en huidige stichting Castrum Peregrini aan de Herengracht in Amsterdam.

Voor de oorlog bezocht Frommel kostschool Eerde regelmatig en gaf er enkele lezingen. De onderduikers van Castrum Peregrini van het 1e uur, Claus en Buri, zaten vanaf  eind jaren dertig, vlak voor WOII uitbrak, tot 1942 op de Internationale Quakerschool Eerde, tot Frommel er voor zorgde dat ze bij Gisèle konden onderduiken. Frommel verlaat Nederland na de oorlog. Na zijn terugkeer in ’52 bleef zijn contact beperkt tot een bezoek aan de jaarlijkse eindejaarsopvoering.
 

Hebben jullie overwogen om een nieuwe naam te kiezen en zo te laten zien dat je een streep wilt zetten onder het verleden? 

Ja, dat hebben we wel overwogen en uitgebreid met focusgroepen en experts besproken. Uiteindelijk was de keuze duidelijk: we beschouwen de geuzennaam Castrum Peregrini, de schuilnaam van Gisèle’s appartement tijdens ’42 – ‘45, een plek waar mensenlevens zijn gered, nog altijd als de juiste naam die past bij dit huis.

Van het oude logo echter, de Castrum Peregrini Roos, die symbool stond voor de vriendenkring rond Wolfgang Frommel en die met de gelijknamige uitgeverij Castrum Peregrini was verbonden hebben we bewust afstand gedaan toen wij in 2007/2008 een nieuwe invulling aan stichting Castrum Peregrini hebben gegeven.
 

Wat gebeurt er nu aan onafhankelijk onderzoek?

Castrum Peregrini wil de misbruikgeschiedenis niet marginaliseren  zoals in het VN artikel op p.71 wordt gesuggereerd en zet met haar onderzoekscommissie erop in ‘het systeem Frommel’ met een centrale rol voor de pedagogische eros en misbruik historisch kritisch en onafhankelijk in kaart te brengen. Dit is uiteraard iets anders dan voor de slachtoffers er zijn. De wetenschappelijke commissie gaat onafhankelijk haar gang. Ook steunen wij haar waar mogelijk. Zij zal cultuurhistorisch onderzoek coördineren naar het verleden van Castrum Peregrini. Seksueel en/of machts-misbruik en andere negatieve uitwassen moeten worden uitgezocht, beschreven en gepubliceerd. De onderzoeksgroep is momenteel met fondsenwerving bezig. We gaan de komende maanden de doelstellingen van de onderzoekscommissie aanscherpen met de mogelijkheid voor inspraak van slachtoffers. De onderzoekscommissie zal zich beraden (met de parallel ingestelde vertrouwenspersoon/meldpunt e.a.) op een strategie om in contact te treden met betrokkenen om hen in te kunnen binden in het proces.

We hebben in het verleden onafhankelijk onderzoek gesteund zoals de documentaire van Janina Pigaht (2016) waarin Christiane Kuby voor het eerst naar buiten trad over haar moeilijke proces van losmaking van de Herengracht. In 2013, vlak na het verschijnen van Joke Haverkorn’s gepubliceerde herinneringen aan Wolfgang Frommel hebben we een dagsymposium georganiseerd met een uitgebreid interview.

Aan Annet Mooij hebben we de opdracht gegeven om de biografie over Gisèle’s leven te schrijven waarvoor we ook de gelden hebben geworven Die biografie verschijnt in september 2018

En ondanks dat wij natuurlijk geen onderzoekers zijn, uiteraard hebben wij voor zover we in contact zijn met oud-bewoners of nauw betrokkenen van de Herengracht 401 navraag gedaan. Niemand heeft zich bij ons als slachtoffer benoemd.  Niemand heeft zich ook bij ons als zodanig gemeld.
 

Waar kan ik meer lezen?

Er bestaat goede (al dan niet fragmentarische) literatuur om het fenomeen van de pedagogische eros in de kring om Stefan George en Wolfgang Frommel te begrijpen. Zie de (niet uitputtende) literatuurlijst op onze website. Hierin zijn ook publicaties opgenomen waarin in al het verleden tijdgenoten aan het woord komen zoals Christiane Kuby en Joke Haverkorn.

 

Heeft het misbruikverhaal impact op het progammering van Castrum Peregrini?

Het verleden van Castrum Peregrini was sinds 2007 al de uitgangsbasis voor onze programmering en zal dat ook blijven. Dus ook dit aspect van onze geschiedenis zal zijn weerslag vinden in ons programma. Misbruik echter is zo’n  serieus onderwerp dat wij de tijd nemen om de juiste vorm ervoor te vinden. Wij hopen intussen in de komende weken en maanden een forum voor de slachtoffers van de kring rond Wolfgang Frommel te kunnen bieden wat hen, zo dat überhaupt mogelijk is, verlichting biedt. Over de juiste vorm hen een stem te geven beraden wij ons op het ogenblik met individuen, experts en partnerorganisaties en staan voor alle hulp en advies dankbaar open. De uitnodiging om met ons te spreken herhalen wij van harte.

15 – 17 December Women + Craft + Poetry

Artists Weekend: Women + Craft + Poetry

Fri 15 Dec – Sun 17 Dec 2017

You are cordially invited to our second Artists Weekend: a weekend full of artist talks, presentations, conversations and poetry readings, from Friday December 15 till Sunday December 17 in Castrum Peregrini. The Artists Weekend is part of our 2017 year programme The Female Perspective, curated by Nina Folkersma. This programme focuses on issues around female identity, feminism and gender, both in relation to the historical context of Castrum Peregrini and its founder Gisèle, and to current events.

The 2nd Artist Weekend is devoted to Women + Craft + Poetry. Guests of honor are two of our artists-in-residence, Aimée Zito Lema and Renée Turner. At their invitation, and in dialogue with curator Nina Folkersma, various artists, curators, writers, weavers and poets are invited to present their work and ideas.

PROGRAMME + PARTICIPANTS

Friday, Dec 15   20:00 – 22:00

Introduction Nina Folkersma

Lecture Christel Vesters – Some notes on women, labour and textile craft

Triggered by two unrelated news items about textiles, writer and curator Christel Vesters embarks on an expedition, looking for a common thread that may connect the two. Her explorations touch upon particular events and ideas in the history of textile production, utopian socialism, the Arts & Crafts Movement and the women’s movement, juxtaposing some key moments in those histories with examples from contemporary artist practices.

 

Saturday, Dec 16     14:00 – 18:00

Conversations + presentations

Renée Turner, Joke Haverkorn van Rijsewijk and Kate Briggs 

Narrative and weaving are often associated with each other through the metaphors we use. Join us for a day of presentations and discussions that look at weaving as a hands-on craft and its relation to the act of writing. Renée Turner will talk about her research project The Warp and Weft of Memory and have a conversation with Joke Haverkorn van Rijsewijk about her work at the weaving studio De Uil (The Owl), where she made monumental tapestries for Gisèle and other artists. On view will be some of the images from De Uil and a few of the woven artefacts from Gisèle’s collection. Kate Briggs, author of the recently published book This Little Art, will be drawing analogies between weaving and the processes of writing, translating and storytelling.

Drinks + Fingerfood by Mina Abouzahra

Entrance fee: 5 euro (incl. drinks & snacks)

Make sure you have a seat reserved and RSVP: productie@castrumperegrini.nl

 

Sunday, Dec 17    14:00- 18:00

Readings + conversations

Aimée Zito Lema, Becket Mingwen, Iva Supic Jankovic and School der Poëzie

Aimée Zito Lema

Aimée Zito Lema

This afternoon Aimée Zito Lema will introduce her residency project and research on friendship as a form of resistance. Thinking of the house (of Gisèle) as the most intimate and private kind of archive, connected to daily life experiences, she will read one of the transcripts of her conversations on friendship. The afternoon will continue with a presentation and poetry reading by visual artist Becket Mingwen. Becket’s text responds to politics and friendship as mirrors of each other – the same pitfalls and promises reflected between the interpersonal and the public. For the presentation at Castrum Peregrini, he will engage these ideas with Zito Lema’s project by discussing the role of friendship in the making of art, allies, and enemies, while exploring many of the ambiguities between them. Iva Supic Jankovic will present a musical performance called House on the Water. Music is a very intimate part of Jankovic’s work- sharing such work within this specific context allows a certain degree of vulnerability and intimacy that is hard to find in a regular art space context. The afternoon will end with poetry readings by teenage students from the School of Poetry, presenting the outcomes of their workshop organized by Zito Lema in collaboration with Dasja Koot.

 

Drinks + Fingerfood by Mina Abouzahra

Entrance fee: 5 euro (incl. drinks & snacks)

Make sure you have a seat reserved and RSVP: productie@castrumperegrini.nl

 

PARTICIPANTS

Mina Abouzahra studied at the Wood and Furniture School in Amsterdam. She has a passion for wood, textiles, copper and marble. A red thread in her life is the combination of different cultures. With the same attitude, Mina was active in the world of food; she wrote recipes, developed food concepts, organized pop-up restaurants and produced with Merijn Tol (Arabia) the cookbook Proef! Orange blossom, the new Moroccan cuisine. The designs of Abouzahra are surprising and colorful, and inspired by a continuous search for new combinations of materials, shapes and production methods. Mina Abouzahra travels every few months to Morocco for inspiration and to search for old, rare and beautiful things she can import, both for her shop and for clients directly.

Kate Briggs is the translator of two volumes of Roland Barthes’s lecture and seminar notes at the Collège de France: The Preparation of the Novel and How to Live Together, both published by Columbia University Press. This Little Art, a long narrative essay on the practice of translation, was published by Fitzcarraldo Editions in September 2017. She teaches on the MFA in Fine Art at the Piet Zwart Institute Rotterdam.

Joke Haverkorn van Rijsewijk is a weaver and writer. With Nenne Koch in 1956, she founded the weaving studio De Uil in Amsterdam. Their first commission was for a tapestry by Gisèle van Waterschoot van der Gracht for the SS Statendam, and later four more tapestries for the clubroom of the S.S. Rotterdam. Haverkorn van Rijsewijk has recently written an essay, ‘Living and Love in Image’ (Leven en liefde verbeeld), reflecting on a tapestry she made based on an image by the German Expressionist August Macke.

Becket Mingwen received his MFA from the University of Southern California in 2014, and was recently a resident at the Rijksakademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam, NL. Recent exhibitions include  “n <o> <o> n” at One Gee in Fog, Geneva; “From Concrete to Liquid to Spoken Words to the World” at Centre d’Art Contemporain Genève. His book on Chris Kraus’ 1996 “Chance Event” is forthcoming from Athénée Press.

School der Poëzie, School of Poetry, offers lessons to children and young people to get them acquainted with poetry, writing and performing their own poems. Tailor-made programs and lessons for schools and institutions. The ‘School der Poëzie’ derives its name from the collection of poet Herman Gorter (1897) and a famous poem by Lucebert (1952). http://www.schoolderpoezie.nl

Iva Supic Jankovic, visual artist (born in Croatia), studied at the Gerrit Rietveld Academie and received a Master degree in Artistic Research from the Royal Academy, The Hague. She produces long term collaborative and trans-diciplinary projects that challenge an question the borders of visual art. More info: http://www.zoldermuseum.com/wordpress/

Renée Turner is an artist, writer and Research Lecturer at the Willem de Kooning Academy. Currently as an artist in residence at Castrum Peregrini, Turner is working on a two-year research project ‘The Warp and Weft of Memory’. Funded by the Mondriaan Funds, her research will result in public lectures, an exhibition and an online narrative, which combines images from Castrum Peregrini’s archive, artefacts from Gisèle’s closet and Turner’s own reflections on memory and objects of heritage.

Christel Vesters studied Art History and Curating in Amsterdam, New York and London. She is a writer and curator, and currently works on a two-year research project Touch/Trace – researching histories through textiles, which unravels the intricate connections between textile, history and society from a contemporary art perspective.

Aimée Zito Lema, visual artist (born in Amsterdam, 1982, grew up in Buenos Aires) studied at the University of the Arts, Buenos Aires, the Gerrit Rietveld Academy, Amsterdam, and was a resident at the Rijksakademie Amsterdam in 2015-2016. Currently an artist in residence at Castrum Peregrini, she is working on a research project about friendship as a form of resistance.

 

Art As Resistance, afl 2 Taking the oil out of the arts

Art As Resistance, #2

Taking the oil out of the arts

Tuesday 28 November 2017, 20 hrs

location: Framer Framed    IJpromenade 2  1013 KT Amsterdam

Reservations / Tickets

Fossil Free Culture NL - Drop the Shell, 2017. Credit: Laura Ponchel

Fossil Free Culture NL – Drop the Shell, 2017. Credit: Laura Ponchel

Framer FramedHumanity in Action Nederland and Castrum Peregrini present a three part symposium series, ‘Art as Resistance’. For the second symposium in the series, ‘Taking the oil out of the arts’, we are zooming in on the ethics of cultural institutions taking on financial sponsorships by fossil fuel companies. How do corporate companies benefit from this ‘greenwashing’? To what extent should their cultural beneficiaries be held responsibie? And what are the impacts of ‘artistic activism’ to address this issue?

Art as Resistance #2 will take place at Framer Framed and features presentations and a workshop by BP or not BP? and Fossil Free Culture NL.  In their presentations, BP or Not BP and Fossil Free Culture NL introduce participants to the topic and present examples of how they create impact through artistic interventions.  The presentations are followed by a workshop Artistic Activism, with both organisations giving practical guidelines on how to generate effective and affective experiences that lead to measurable social change. After the workshop participants will have a better sense of the framework in which the Fossil Free Culture movement work. They will learn to implement artistic tactics to a larger campaigning strategy.

BP or not BP? (a clever play on ‘to be or not to be’ from Shakespeare’s Hamlet) are a national network of ‘actor-vists’ in the UK, performing disobedient theatre in many different oil-sponsored spaces. They are part of the Art Not Oil coalition – a group that protests against museums accepting sponsorship from major oil corporations, which they say is a form of ‘greenwashing’. Read more: https://bp-or-not-bp.org/about/

Fossil Free Culture NL are a network of artists, activists and scholars at the intersection of cultural work and climate politics. They are campaigning to expose and confront the influence of the fossil fuel industry on cultural institutions in the Netherlands. Recent protests include the May & September 2017 impromptu #droptheshell and #spoiledlandscapes protest-performances at the Van Gogh Museum, demonstrating the museum’s ties to oil giant Shell. Several protestors were arrested. Read more: http://fossilfreeculture.nl/

On the organisers: Framer Framed, Humanity in Action Nederland and Castrum Peregrini are organisations dealing with themes of collective memory and cultural identities. In three sessions, we team up to jointly explore the necessity for a change in how cultural institutions and producers should (re)present stories and relate critically to histories as well as to the financial structures they are part of.

Our first symposium, Art as Resistance #1, took place at Castrum Peregrini and dealt with the topic of involving communities in activism and the local relevance of a place.

Read more and see:  https://framerframed.nl/en/projecten/art-as-resistance-1/

 

SYNCHRONICLE by Carina Erdmann

SYNCHRONICLE

by Carina Erdmann

28 – 30 September 2017

Photos from the exhibition opening and the artist talk with Daniel Vorthuys and ‘objects also die’ by Jacob Eriksen

[Read more…]

intellectual playground
think tank, projects,
research

 

Featured Project

Living as Form

A two-day international conference about participatory art with keynote presentations of cutting edge initiatives, panel discussions, workshops and open space technology sessions. With a.o. Renzo Martens, Patricia Kaersenhout, Pierluigi Sacco,- and you!

 

 

http://castrumperegrini.org/2017/06/06/10379/